'Bij de brandweer om 3 redenen'
Actueel - Meest gelezen - Archief - Rubrieken
08 Februari 2010
ALBLASSERDAM - Als één gemeenteraadslid is die zijn sporen wel heeft verdiend bij de brandweer dan is het wel VVD-er Jan Nieuwenhuis. Vijfentwintig jaar was hij commandant van de Alblasserdamse brandweer en jarenlang was hij juryvoorzitter van de jeugdbrandweer.
Al lopend door de toch wel oude kazerne aan de Nicolaas Beetsstraat (de nieuwbouw op Haven-Zuid start dit jaar, red.) komen talloze herinneringen bij hem boven. Van bijna elke vrijwilliger kent Nieuwenhuis nog feilloos de naam. En wat blijkt: brandweer zijn is geen ziekte. "Nee, het is een virus waar je nooit meer van geneest." Geen wonder dat uitgerekend hij de burgemeester, bij wijze van inburgering, op bezoek laat komen bij de brandweer.
Afspiegeling
"De reden dat ik onze nieuwe burgemeester Bert Blase vanavond heb meegenomen naar de brandweer is simpel. Hier zie je een goede afspiegeling van de Alblasserdamse gemeenschap. Gelovig of ongelovig, alles zit bij elkaar. Iedereen helpt elkaar als dat nodig is", vertelt Nieuwenhuis aan het meer dan dertig man sterke korps dat is gekomen voor de wekelijkse oefenavond. Speciaal voor het burgemeesterbezoek zijn drie mensen apart genomen om Blase te vertellen over het werk bij de brandweer. Dit zijn: Laura Kranendonk, Hans Schindler en (zoon) Ronald Schindler.
Vrouwen
Dat er ook een vrouw bij de brandweer zit had Blase zichtbaar niet verwacht. Daarom is zijn eerste vraag: Laura, hoe kom jij als vrouw hier terecht? Voel je je niet eenzaam tussen al die mannen? Laura glimlacht. Ze had de vraag eigenlijk wel verwacht: "Nou het begon zeven jaar geleden. Overal in Alblasserdam hingen borden waarop stond dat de brandweer dringend vrijwilligers nodig heeft. Ik ben gewoon eens langsgegaan om te kijken wat het was en ik was meteen dolenthousiast. Ik heb er nu nog steeds spijt van dat ik zolang heb gewacht." Of Laura zich eenzaam voelt tussen al die mannen? "Welnee, het gaat hier om hoe je werkt en niet om wie je bent. Maar ik moet bekennen dat ik het toch ook wel leuk zou vinden als meer vrouwen bij de brandweer zouden solliciteren."
Veel vragen
Tijdens de rondleiding door de kazerne, die aan de vloertegels te zien toch wel hard aan vervanging toe is, vertelt Nieuwenhuis samen met postcommandant Gerard Ketting breeduit over de lokale brandweer. Met onvermoeide interesse kijkt Blase zijn ogen uit. Het lijkt wel of hij in zo kort mogelijke tijd zoveel mogelijk wil weten van de brandweer. "Waarom zit je bij de brandweer? Zit je er al lang? Gaat dat oefenen niet een keer vervelen?", vraagt de burgervader aan Hans Schindler, die al tientallen jaren bij de brandweer zit. "Eigenlijk heb of krijg je een ziekte als je bij de brandweer gaat", begint Schindler. Maar zijn oud-collega Nieuwenhuis moet hem toch even corrigeren. "Nee Hans, ik denk niet dat je het een ziekte kan noemen. Noem het gerust een virus. Als je er eenmaal mee bent besmet kan je niet meer genezen. Toch?" Dat wordt direct door de aanwezige brandweerlieden beaamd.
3 redenen om bij de vrijwillige brandweer te zijn
Schindler vervolgt zijn verhaal: "Bij de brandweer zit je om drie redenen: de gezelligheid, de spanning en om je medemensen te helpen." Blase, die zich wel iets kan voorstellen bij die spanning, vraagt toch om een beschrijving. "Hoe gaat zoiets dan?" Schindler vertelt: "Op een moment, dat je natuurlijk nooit van te voren weet, gaat je pieper. Dan is het rennen, kleren aan, schoenen aan ... mijn vrouw staat altijd al met mijn jasje klaar zodat ik direct weg kan. Volgens mij doet ze dat omdat ik anders de deur te hard dichtgooi ha ha ..."
'Geen ongevoelige wezens'
Al weet mensenkenner Blase dat het niet hardop kan worden gezegd toch wil hij het van Schindler horen: "Eigenlijk is een grote brand of een auto helemaal in de kreukels toch ook wel iets heel moois, hè?" Schindler grinnikt even, kijkt naar zijn collega's en moet dan toch bekennen: "Tja, ik weet dat ik het niet mag zeggen, maar een cabrio maken van een auto is toch wel het mooiste wat er is." Hij doelt hiermee op het openknippen van een auto na een ongeluk als bijvoorbeeld nog iemand bekneld zit.
Oud-commandant Nieuwenhuis herkent dit volledig en legt aan de burgemeester uit dat het niet zo is dat brandweermensen ongevoelige wezens zijn. "Maar weet je wat het is: tijdens een uitruk heb je gewoon geen tijd voor emoties. Ik zei altijd tijdens mijn trainingen: je bent een verlengstuk van je gereedschap. De emoties komen later. En je moet plezier in je werk kunnen hebben, anders ben je hier snel weg."
Vooruitstrevend
Ronald Schindler, zoon van Hans Schindler, zit sinds kort ook bij de Alblasserdamse brandweer. "Het zit denk ik in mijn genen. Als klein mannetje ging ik al met mijn vader mee om bij de brandweerauto te kijken." Hij komt voor dezelfde dingen naar de kazerne als zijn vader. "De spanning is geweldig." Ook al doet de naam vrijwilliger denken dat het minder professioneel is dan de beroepsbrandweer, niets is minder waar. Alle vrijwilligers worden hetzelfde geschoold als de beroepsmensen. "Elke maandag krijgen we theorie- en praktijkles", vertelt Laura. Nieuwenhuis vult aan: "Vroeger was er natuurlijk veel minder professioneel gereedschap dan nu. Maar het Alblasserdamse korps is altijd erg vooruitstrevend geweest. We waren bijvoorbeeld de eerste met gaspakken op de wagens. Daarom mag je heel trots zijn op deze brandweerlieden. Ze gaan vrijwillig door kou en regen op weg om hun medemens te helpen."
Uitrukken
De Alblasserdamse brandweer is vorig jaar 212 keer uitgerukt. Het ging om branden, ongevallen en dieren in nood. In de eerste maand van 2010 is de brandweer al dertien keer uitgerukt. Het meest ernstige ongeluk was een auto die tegen een boom was gereden bij de Grote Beer. De grootste brand was die in een houten schuur aan het Kortland.
Jeugdbrandweer
Op de tweede foto prijkt burgemeester Bert Blase met alle leden van de jeugdbrandweer. Bovenste rijd van links naar rechts: Harm Jan Rozendaal, Lisette Haak, Sander v.d Breevaart, Johan Rozendaal, Jan Willem Verloop, Bert Blase, Corne Haak, Henk Jan van Elzelingen, Reinike Hak, Corstiaan Hoogland, Evert de Penning en de vroegere brandweercommandant en thans raadslid Jan Nieuwenhuis. Onderste rij: Rinse Kooiman, Arie Hardam, Joost v.d. Breevaart, Wesley van Schaijk en Esmeralda van Hofwegen.
Bron Klaroen.nl











